Huishoudelijk reglement

Nummer Regel
Art. 1 De leden dienen de pacht en contributie, voor het nieuwe seizoen, te voldoen voor 15 februari van het pachtjaar. Opzegging van de tuin dient tijdig plaats te vinden voor 1 december van het lopende pachtjaar, anders loopt de pacht en contributie gewoon door.
Art. 2 Honden van leden worden op het complex getolereerd, mits onder controle. Het houden van huisdieren is op het complex niet toegestaan. Echter het houden van kippen is met maximaal 10 kippen toegestaan.
Het nachthok mag maximaal 5 m2 of minimaal 0,3 m2 per kip zijn.
De ren mag maximaal een oppervlakte hebben van 10 m2 en minmaal 1m2 per kip
Ren en nachthok moeten van boven (poep)dicht zijn (in verband met ophokplicht bij vogelgriep) en afdoende tegen vogels, rat en vos beschermd zijn.
Kippenhouders moeten wel zorgen dat:
Bij afwezigheid vervanging geregeld is.
Dode kippen moeten onmiddellijk naar huis worden afgevoerd.
Er niet op de tuin geslacht wordt.
De mest wordt verwerkt op de eigen composthoop.
Kippenvoer in afsluitbare containers bewaard wordt. i.v.m. ongedierte.
De watervoorziening (ook in de winter) goed geregeld is.
Art. 3 Voor het telen van aardappelen en tomaten geld dat dit maar 1/3 van de tuin mag beslaan. Elk jaar wordt bij het versturen van de rekening bekend gemaakt op welk derde gedeelte van de tuin geteeld mag worden.
Art. 4 Het is niet toegestaan om producten, die op het complex geteeld zijn, te verhandelen.
Art. 5 De leden dienen tuinafval op hun tuin te houden, om te composteren of af te voeren. Verbranden is bij Gemeentelijke verordening niet toegestaan.
Art. 6 De leden behoren ervoor te zorgen dat de tuinen en aangrenzende paden onkruid vrij en in goede staat van onderhoud verkeren, evenals de tuinafscheidingen. De tuinen moeten voor 1 mei onkruidvrij zijn. De bordjes met de tuinnummers moeten op het hek bij het pad goed zichtbaar zijn.
Art. 7 Vruchtbomen en fruitstruiken moeten een meter vanaf de tuinafscheiding worden geplant, gerekend vanaf het hart van de boom of struik en mogen niet hoger worden dan twee meter. Bomen welke geen eetbare vruchten zullen opleveren mogen niet op de tuin worden geplant.
Art. 8 Langs de openbare weg, aan de zijde van het tuincomplex mag de begroeiing niet hoger zijn dan een meter en deze aangrenzende strook moet door de tuinder worden onderhouden.
Art. 9 Opstallen en bouwsels moeten het aanzien en karakter van het tuincomplex niet aantasten. Per tuin mag niet meer dan 10 m² opstal cq berging worden geplaatst, en minimaal een meter vanuit de afscheiding. Beton storten is verboden.
Art.10 Leden die andere personen op hun tuin laten mee tuinieren, dienen dit te melden aan de secretaris van de vereniging. De medetuinder wordt, na betaling van de contributie, dan ingeschreven als medetuinder.
Art.11 Verhuizing en/ of adresverandering dient schriftelijk te worden gemeld aan de secretaris van de vereniging. Indien men voor lange tijd afwezig is door ziekte of ongeval, moet dit gemeld aan de secretaris van de tuincontrole commissie.
Art.12 Regelmatig vindt door de tuincontrole commissie een schouw plaats. Bij het niet naleven van de gestelde regels zal door de tuincontrole commissie bij een tweede waarschuwing een boete van 10 euro worden opgelegd. Bij een derde waarschuwing wordt de tuin ontnomen en is de borgsom verspeeld. Tevens zullen de kosten voor verwijdering van de opstallen, caravans en andere materialen worden verhaald op de tuinder, en zal hem/ haar het lidmaatschap worden ontnomen.
Art.13 Leden houden het recht om in beroep te gaan tegen genomen beslissingen van het bestuur en/ of commissie, en wel binnen een termijn van tien dagen na ontvangst van de eerste waarschuwing. Bij de commissie van beroep.
Art.14 Leden die hun tuin opzeggen volgens art.1 dienen deze schoon op te leveren, Bij in gebreke blijven hiervan vervalt de waarborgsom en komt deze toe aan de vereniging.Tevens zullen de kosten voor verwijdering van de opstallen, caravans en andere materialen worden verhaald op de tuinder.
Art.15 Het is verboden asbesthoudende materialen op de tuin aanwezig te hebben, noch te gebruiken en/ of te bewaren op de tuin. De aansprakelijkheid en de kosten van Gemeentewege bij calamiteiten zullen op de betreffende tuinder worden verhaald.
Art.16 Zaken waarin niet is voorzien beslist het bestuur.

Vastgesteld op de algemene ledenvergadering d.d. 20 februari 2017.